Weer informatieavond over afvalwaterinjecties

Foto: Redactie

Op donderdag 31 maart is er een informatieavond voor omwonenden in het kader van de afvalwaterinjecties in Twente. Dat laat de provincie Overijssel weten.

Tijdens deze avond wordt er door NAM en onderzoeker Royal HaskoningDHV inzicht gegeven in de opties die onderzocht zijn voor mogelijke verwerking van het afvalwater dat vrijkomt door de oliewinning in Schoonebeek (opties ‘shortlist’). Door de NAM is ook gekeken naar mogelijke alternatieven voor de verwerking van het afvalwater.

De bijeenkomst wordt gehouden bij Bays te Reutum (Kerkstraat 78) en start om 20.00 uur (zaal open om 19.30 uur). De avond is vrij toegankelijk voor inwoners van Noordoost Twente.

Evaluatie

De Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) heeft sinds 2010 een vergunning om olie te winnen bij Schoonebeek (Drenthe). Het productiewater dat daarbij wordt gebruikt, wordt na de winning via een pijpleiding afgevoerd naar lege gasvelden in Twente. Daar wordt het water in de diepe ondergrond geïnjecteerd. De afvalwaterinjecties liggen op dit moment stil nadat in het voorjaar van 2015 een lekkage heeft plaatsgevonden in de watertransportpijpleiding. Rondom de waterinjecties zijn vragen en zorgen ontstaan.

Voorwaarde in de vergunning die de NAM heeft, is dat de NAM iedere 6 jaar onderzoekt of de injectie in de voormalige Twentse gasvelden nog steeds de meest geschikte manier is om met het productiewater om te gaan. Deze evaluatie wordt op verzoek van de bevolking en lokale en regionale overheden vervroegd uitgevoerd. In het onderzoek worden ook mogelijke alternatieven voor afvalwaterinjectie meegenomen.

Rol begeleidingscommissie

Tijdens deze avonden zal de begeleidingscommissie de aanwezigen informeren over hoe zij heeft meegekeken met het proces dat NAM uitvoert, in de evaluatie van de afvalwaterinjecties in Twente. De begeleidingscommissie heeft een onafhankelijke en kritische rol ten opzichte van het evaluatieonderzoek door NAM.

De commissie ziet toe op een transparant proces en zorgt ervoor dat alle ingediende vragen en zorgen worden meegenomen in het onderzoeksproces.

De uiteindelijke beslissing over wat uiteindelijk de meest milieuvriendelijke oplossing is, ligt bij minister Henk Kamp van Economische Zaken.