Ook in Twente meer vacatures dan werklozen, voor het eerst sinds 50 jaar

Foto: UWV

Net als in de rest van Nederland laat ook de Twentse arbeidsmarkt een onstuimige ontwikkeling zien: Het aantal vacatures is momenteel groter dan het aantal werklozen.

Deze situatie is in geen vijftig jaar voorgekomen, meldde het CBS. Ook onze economie herstelt zich voorspoedig. Sinds medio 2019 is het Twents bruto regionaal product met 1 procent gestegen. Het Nederlandse bruto binnenlandse product steeg met 0,4 procent. De coronacrisis lijkt daarmee voor Twente als geheel slechts een tijdelijke vertraging in de ontwikkeling te zijn geweest. Dat neemt niet weg dat voor individuele ondernemers of werknemers de gevolgen
groot kunnen zijn (geweest).

Dat de arbeidsmarkt zich snel ontwikkelt, blijkt ook uit de cijfers in deze Twentse Arbeidsmarktmonitor. Het aantal nieuwe vacatures is verdubbeld sinds begin vorig jaar. De meeste uitkeringscijfers zijn terug op het ‘voor de crisisniveau’. Ondanks deze ontwikkeling blijft aandacht noodzakelijk voor doelgroepen zoals jongeren, en vanuit werkgevers perspectief ongeschoolde of laaggeschoolde arbeid.

Jongeren vormen flexibele schil

Het afgelopen jaar is weer eens gebleken dat veel jongeren behoren tot de flexibele schil van de arbeidsmarkt. Zo verdubbelde het aantal jongeren met een WW-recht in de eerste maanden van de coronacrisis. Helaas bevatten de meeste van deze cijfers nog niet de effecten van de crisis omdat het cijfers van 2019 betreft.

In deze bijdrage gat het om de structurele ontwikkeling van de positie van jongeren op de arbeidsmarkt. Daaruit blijkt dat steeds meer jongeren onderwijs en een (bij)baan combineren, en dat het aantal niet-werkenden daalt. Qua opleiding stijgt het aantal Twentse jongeren dat een mbo- of hbo-opleiding volgt. Deze ontwikkeling is ook sterker dan in Nederland als geheel. Het aantal jongeren dat een WO-opleiding volgt, blijft echter achter bij de landelijk ontwikkeling. Jongeren waarvan niet bekend is wat ze de hele dag doen, de zogenoemde jongeren buiten beeld, zijn vanaf 2010 met 200 personen toegenomen. Tegelijkertijd nam het totaal aantal jongeren ook toe, waardoor het percentage jongeren buiten beeld gelijk is gebleven.

Laaggeschoolden

Personen met als laatst voltooide opleiding basisonderwijs of vmbo vormen 23,5 procent van de werkenden in Twente. De omvang van deze groep is daarmee vergelijkbaar met de groep mbo4- en hbo-geschoolden. Het aantal laaggeschoolden in de totale bevolking (15-75 jaar) neemt al jaren af. Van 27% in 2010 naar 22% in 2020.

Jonge instromers met een gemiddeld hogere opleiding vervangen ouderen met een gemiddeld lagere opleiding die met pensioen gaan. In de komende jaren verlaten gemiddeld circa 2.000 laaggeschoolden meer de arbeidsmarkt dan dat er instromen. Dit is naar omvang drie maal zo veel als het tekort aan hoger opgeleideninstroom.

Sterke toename nieuwe vacatures

Het aantal nieuwe online vacatures in Twente bedroeg in juni 2021 3.900. Dat zijn ruim 500 vacatures meer dan eind mei 2021. Ten opzichte van januari 2020 zijn er in juni 2021 106,9 procent meer Twentse nieuwe online vacatures gemeld. In Nederland lag dit aantal in juni 2021 64,7 procent boven het niveau van begin 2020.

De aanwakkerende vraag naar personeel is vooral voor bedrijfseconomische en technische beroepen toegenomen. In deze twee beroepsklassen zijn de laatste twee maanden meer dan 600 nieuwe online vacatures per maand geplaatst.

Arbeidsmarktspanning neemt toe

De spanning op de arbeidsmarkt wordt in deze monitor uitgedrukt in een getal. Hoe hoger dit getal, hoe meer spanning. Dit betekent, dat het voor werkgevers moeilijker is om vacatures te vervullen.

De toename van de Twentse spanningsindicator in het derde (1,09) en vierde (1,21) kwartaal van 2020, heeft zich doorgezet naar het eerste kwartaal van 2021 (laatst bekende cijfers).

Dit kwartaal stijgt de spanningsindicator naar 1,24. De arbeidsmarkttypering is net als in de voorgaande twee kwartalen ‘gemiddeld’. De landelijke spanningsindicator is met 1,45 hoger dan in Twente. Dit betekent dat het in het eerste kwartaal van 2021 gemiddeld in Nederland moeilijker is een vacature te vervullen dan in Twente.

WW-rechten lager dan pre-coronacrisis

In juni 2021 zijn in Twente 8.046 WW-rechten verstrekt. Dit is 16,1 procent minder dan in maart 2021 en 3,8 procent minder dan aan het begin van 2020. Ter vergelijking: in Nederland lag het aantal WW-rechten in juni 2021 1,3 procent lager dan aan het begin van de coronacrisis. Daarmee ligt het Twentse aantal WW-rechten ten opzichte van begin 2020 2,5 procentpunten lager dan landelijk.

Jongeren merken doorgaans als eerste de gevolgen van een veranderende arbeidsmarkt. Dit is ook in de ontwikkeling van de WW-rechten van personen jonger dan 27 jaar zichtbaar. Twente telt in juni 2021 555 WW-rechten voor jongeren. Vergeleken met begin 2020 ligt het aantal lopende WW-rechten onder Twentse jongeren in juni 2021 15,9 procent lager. Landelijk is deze afname minder sterk, namelijk 5,8 procent.

Lichte afname Participatiewet-uitkeringen

Per eind juni 2021 zijn er in Twente 13.509 Participatiewet-uitkeringen verstrekt. Dit zijn er 138 minder dan eind maart 2021, een procentuele daling van één procent. Voor een vergelijking met Nederland is februari 2021 het meest recente nationale cijfer. Ook in deze landelijke cijfers worden de effecten van de coronacrisis zichtbaar. Tussen november 2020 en februari 2021 is het aantal uitkeringen licht gestegen met 1,5 procent. Waar in Twente het aantal uitkeringen eind vorig jaar nog licht afnam, is dit aantal in de eerste twee maanden van 2021 in Twente toegenomen, maar minder sterk dan in Nederland als geheel.

Het aantal Participatiewet-uitkeringen verstrekt aan Twentse jongeren bedraagt in juni 1.655. Vanaf maart stabiliseert het aantal jongeren in de Participatiewet zich, zo kent maart 2021 1.657 gerechtigden terwijl dit aantal in juni 1.655 is. Cijfers voor Nederland worden niet gepubliceerd door het CBS.

Waar het aantal lopende Participatiewet-uitkeringen onder jongeren stabiliseert, is het aantal lopende Participatiewet-uitkeringen bij de leeftijdsgroep 27 tot 45 jaar in de periode maart tot juni 2021 licht afgenomen (-1,5%). De leeftijdsgroep 45 jaar tot pensioengerechtigde leeftijd laat eveneens een daling zien, maar in mindere mate dan de leeftijdsgroep 27 tot 45 jaar (-0,9%).

Reacties