
Volgens wethouder Tom Vleerbos komt er volgende maand duidelijkheid over de (eventuele) komst van een nieuwe sporthal in Tubbergen. "Er spelen een aantal belangen en we moeten het samen doen, want we hebben elkaar nodig. In juni komen we tot een finaal oordeel," aldus Vleerbos. Hij duidt daarmee op de gesprekken met andere partijen, zoals de SSRT (Stichting Sport en Recreatie Tubbergen), de gemeentelijke sportraad, De Kinderkroon (kinderopvang) en het onderwijs.
Volgens wethouder Tom Vleerbos komt er volgende maand duidelijkheid over de (eventuele) komst van een nieuwe sporthal in Tubbergen. "Er spelen een aantal belangen en we moeten het samen doen, want we hebben elkaar nodig. In juni komen we tot een finaal oordeel," aldus Vleerbos. Hij duidt daarmee op de gesprekken met andere partijen, zoals de SSRT (Stichting Sport en Recreatie Tubbergen), de gemeentelijke sportraad, De Kinderkroon (kinderopvang) en het onderwijs.
Halverwege januari van dit jaar gaf SSRT aan dat het realiseren van een nieuwe sporthal, naast zwembad De Vlaskoel, niet voor de beschikbare €1,5 miljoen uit te voeren zou zijn. Daarna is de gemeente in gesprek gegaan met verschillende andere partijen, om te onderzoeken of een doorstart mogelijk zou zijn. Dit bleek op dat moment helaas niet het geval en toen is men nog kritischer gaan kijken naar de actuele behoefte aan extra zaalruimte, de beschikbare ruimten en alternatieve oplossingen. Afgelopen maandag meldde Vleerbos aan de gemeenteraad dat de behoefte aan grote halruimte in het afgelopen jaar alleen maar toegenomen is.
De gemeente heeft ook de wettelijke verplichting om voor voldoende ruimte voor het beweegonderwijs te zorgen. Er zal daarom een aanbouw bij de bestaande Burgemeester Verdegaalhal of een extra sportzaal gerealiseerd moeten worden.
Volgens Vleerbos zijn de gemeente en haar gesprekspartners nu bezig te inventariseren of, en in hoeverre, het binnen de wettelijke regels past als er alternatieven ter beschikking zijn. Wethouder Vleerbos legt het nader uit: "In het voortgezet onderwijs is er sprake van een redelijk autonome invulling van het curriculum. Het lespakket dat ze aanbieden, mogen ze dus voor een groot deel zelf bepalen. Bij het basisonderwijs is dat iets anders geregeld, maar ik heb goede hoop dat we eruit komen."