Saxion onderzoekt (toekomst) leefomgeving Tubbergen en Dinkelland tot 2025

26 nov 2012, 14:10 Nieuws
yc3qx4sw3xz5lfzupv2tafxv8 77136

Kenniscentrum Leefomgeving (KCL) van de Saxion Hogeschool is gevraagd om met een voorstel te komen voor een meerjarig onderzoeksprogramma, ter voorbereiding en onderbouwing van het nog te ontwikkelen beleid van Tubbergen en Dinkelland voor de middellange termijn (tot 2025).

Kenniscentrum Leefomgeving (KCL) van de Saxion Hogeschool is gevraagd om met een voorstel te komen voor een meerjarig onderzoeksprogramma, ter voorbereiding en onderbouwing van het nog te ontwikkelen beleid van Tubbergen en Dinkelland voor de middellange termijn (tot 2025).

Beide gemeenten zien zich geconfronteerd met ontwikkelingen, in het bijzonder van demografische aard, die een bedreiging vormen voor de kwaliteit van de leefomgeving. Saxion gaat daarbij de gemeenten ondersteunen in de vorm van onderzoek, met studenten, maar ook door middel van opleiding, reflectie en advies.

Om te komen tot een onderzoeksprogramma dat tegemoet komt aan de behoefte van de beide gemeenten, heeft in de eerste helft van 2012 zowel op ambtelijk als bestuurlijk niveau een aantal verkennende gesprekken plaatsgevonden. Dit heeft geresulteerd in het onderzoeksthema 'Heerlijk wonen en succesvol werken'.

Dit eerste onderzoek, dat in samenwerking met Saxion wordt uitgevoerd, moet gezien worden als een pilot. Op basis van de ervaringen van de pilot wordt bekeken hoe de samenwerking kan worden uitgebouwd tot een structurele samenwerking met Saxion en andere regionale opleiding- en onderzoeksinstituten.

Onderzoek

Voor de middellange termijn (2015- 2025) wordt door de gemeenten Dinkelland en Tubbergen een nieuwe visie en strategie ontwikkeld om de economische potenties en economische kracht in het landelijk gebied optimaal te benutten. Het onderzoek moet input (hard, zacht en trends) opleveren om in 2015 een goed onderbouwde strategie te kunnen ontwikkelen om de economische potenties en economische kracht in ons landelijk gebied optimaal te benutten.

De volgende onderzoekvragen dienen beantwoord te worden:

  • Welke economische dragers zorgen in de toekomst voor voldoende verdiencapaciteit in het landelijke gebied met behoud van ruimtelijke kwaliteit?
  • Waarmee verdient de gebruiker van het landelijk gebied in de toekomst geld?
  • Welke rol en taak moet de overheid hierin vervullen?
  • Welke alternatieven bestaan er voor de (beroeps)bevolking in zowel plaats al functie?
  • Slagen wij erin de ontwikkelingen van economie, leefbaarheid, landschap en natuur met elkaar te verbinden?
  • Wat is het tempo en richting van deze ontwikkelingen en wat is de impact daarvan op Noordoost Twente?
  • Welke betekenis heeft het voor de rol van de (lokale) overheid in relatie tot nieuwe verantwoordelijkheden voor de samenleving?

Als input voor beantwoording van de genoemde vragen wordt het volgende onderzocht:

  1. Effecten van regionale en regio-overstijgende ontwikkelingen op de huidige agrarische ondernemers.
  2. Kansen die huidige en potentiële ondernemers zien voor nieuw ondernemerschap (zoals vrijetijdseconomie, congres-/opleidingsfaciliteiten, streekproducten, beroepen en kleinschalige bedrijvigheid in topsectoren, etc.) en de voorwaarden die zij stellen om die kansen te kunnen benutten.
  3. (Her)ontwikkelmogelijkheden, -wensen en visies van stakeholders met betrekking tot vrijkomende agrarische bebouwing en locaties.

Werkwijze

Het thema en de daarbij behorende onderzoeksvragen worden door een startbijeenkomt met medewerkers van beide gemeenten nader uitgewerkt. Deze start-up is bedoeld om de onderzoeksvragen scherp te krijgen.

In dit onderzoeksprogramma wordt gekozen voor een mix van beproefde en vernieuwende onderzoeksmethodieken, gebruikmakend van de mogelijkheden van nieuwe media als Facebook en Twitter. Daarbij zal het onderzoek zich primair richten op de basis van de samenleving; de inwoners, werknemers en tijdelijke verblijvers in de beide gemeenten.

Het eerste jaar van het onderzoeksprogramma (oktober 2012- juni 2013) is te beschouwen als pilotfase, die zich vooralsnog uitsluitend richt op het vraagstuk 'economische ontwikkeling van het landelijke gebied'. De gezamenlijke ambitie is om aan te tonen dat een structurele samenwerking tussen gemeenten en kennisinstelling een blijvende meerwaarde oplevert.

Planning

November 2012: start-up bijeenkomst

November-december 2012: uitwerking onderzoeksprogramma en werving studenten

Februari 2013: start onderzoeken (1-2 studenten)

April 2013: midtermreview

Juni 2013: opleveren afstudeerscripties, rapportage, evaluatie

Financieel

De kosten voor de pilot in 2012-2013 bedragen €10.000 excl. BTW. De gemeenten Tubbergen en Dinkelland betalen elk de helft. Dekking voor het Tubbergse deel zal voor 100% worden gefinancierd uit het budget landelijkgebied.

De gemeente Dinkelland zal voor de andere €5.000 dekking verzorgen.