Tubbergen tegen opstapplaatsen leerlingenvervoer naar speciaal onderwijs, zoals in Twenterand

02 nov 2012, 12:31 Nieuws
zfo6m1z4bz5t8o1bdq3oc11b9 148923

Het college van B&W stelt de gemeenteraad voor om per 1 augustus 2013 de regels voor het leerlingenvervoer aan te passen, zodat deze beter aansluiten bij de regels in Dinkelland.

Het college van B&W stelt de gemeenteraad voor om per 1 augustus 2013 de regels voor het leerlingenvervoer aan te passen, zodat deze beter aansluiten bij de regels in Dinkelland.

Gedurende het schooljaar maken zo'n 115 leerlingen uit de gemeente Tubbergen gebruik van de gemeentelijke regeling. Meestal gaat het vervoer van de jongeren met een taxibusje dat hen naar speciaal onderwijs brengt. Daarnaast krijgt een enkeling een kilometervergoeding. Op jaarbasis bedragen de kosten ongeveer €457.000, exclusief de ambtelijke kosten.

Opstapplaatsen

De gemeente Twenterand hanteert opstapplaatsen vanuit het oogpunt kostenbesparing. De gemeente Dinkelland heeft 3 opstapplaatsen in de kern Denekamp. Deze opstapplaatsen zijn gerealiseerd op verzoek van de ouders en niet om een besparing te realiseren.

Tubbergen en Dinkelland gaan waarschijnijk wel de mogelijkheid voor opstapplaatsen opnemen in de nieuwe regeling, maar zeker niet verplicht stellen. Wethouder Gerrit Ophof: "Kinderen in het speciaal onderwijs vormen een kwetsbare groep. We moeten niet van hen gaan verwachten dat ze naar een bepaalde plek komen, van waaruit ze naar scholen worden gebracht, want dat laat een thuissituatie misschien wel helemaal niet toe. Daarnaast is er het risico van stigmatisering, vanuit de samenleving en door andere kinderen."

Wel gaat de gemeente 2 verschillende offertes opvragen bij taxibedrijven. "Bij het beoordelen van de offertes worden de prijsverschillen tussen het wel of niet hanteren van opstapplaatsen zichtbaar. Wij stellen voor om op dat moment, na raadpleging van de raadscommissie, een definitieve beslissing te nemen."

Wettelijke taak

Een aantal zaken zijn wettelijk vastgelegd en de gemeente heeft dus op deze onderdelen geen beleidsvrijheid. Dit betreft onder andere:

  • de vrijheid van onderwijs, met andere woorden de schoolkeuze op basis van geloofsovertuiging;
  • de maximale kilometergrens van 6 km. Indien de afstand tussen school en woning meer bedraagt dan 6 km, dan is de gemeente wettelijk verplicht om een vervoersvoorziening aan te bieden;
  • het aantal leerlingen dat hier gebruik van maakt;
  • de regels omtrent financiële draagkracht, in casus de inkomensafhankelijke draagkrachtbijdrage bij vervoer naar een school voor basisonderwijs met een afstand groter dan 20 km.