De voorloper van de Cooker. Wie kent hem niet? En onmiskenbaar middelpunt in ‘Het Dorp’ van Wim Zonneveld. Tegenwoordig staat zo’n pomp als eerbetoon langs de mooiste wandelroute van Tubbergen. Op erve Volmerinck, onderaan de Tubberger es.
Tijdens die wandeling dacht ik aan het verhaal van de mij bekende 84-jarige Koos Wibier. Een anekdote over de dorpspomp op het kerkplein in Albergen.
Als eerste noaber van de pastoor hoorde hij vroeger alle nieuwtjes uit het dorp. Zo had de pastoor hem verteld dat er op het kerkplein bij de dorpspomp veel ongelukken gebeurden. Iets wat Koos trouwens niet was opgevallen. Op mijn vraag ‘hoezo ongelukken?’ bleef het stil, want de slager van weleer is wel discreet. Dus heb ik zelf maar een onderzoekje ingesteld naar de geschiedenis van de dorpspomp. Het zit zo...
Vroeger moesten parochianen die een ‘scheve schaats reden’ biechten bij de pastoor. Altijd waren het vrouwen die dat opbiechten, nooit mannen. Om zo'n biecht een beetje zakelijk te houden besloot de eerwaarde dat, voor zoiets onschuldigs, kon worden volstaan met de mededeling dat ze waren ‘uitgegleden bij de pomp’. En zo geschiedde.
Totdat jaren later die pastoor overleed en er een nieuwe priester kwam. Kennelijk was de nieuweling niet op de hoogte van de afspraak die zijn voorganger had gemaakt met de Albergse dames. En omdat deze nieuwe pastoor ook in de gemeenteraad zat, stelde hij reeds in de eerste vergadering voor om de gladde bestrating van het kerkplein te vernieuwen. Hem was ter ore gekomen dat zowat alle vrouwen uit het dorp bij de pomp uitgleden.
In de jaren ‘50 kreeg Albergen een waterleiding. Behalve dan in het buitengebied, zoals aan de Mekkelenbergweg, zo vertelde Gerrit Lenferink (84) mij tijdens het diepgaande onderzoek. Zijn vrouw Annie had nog jarenlang de buurtpomp gebruikt en van ongelukken bij de pomp had hij nooit iets gemerkt.
Tja, dat had ik natuurlijk kunnen weten. Mevrouw Annie was vroeger op de lagere school schaatskampioen. Niet met scheve schaatsen, maar op Friese doorlopers!