Rijssen-Holten en Hellendoorn moeten bijna €5,7 miljoen betalen als ze uit SOWECO willen treden. Dat heeft het algemeen bestuur van de sociale werkvoorziening in meerderheid besloten.Het gaat hierbij om de reële schade die het bedrijf en de achterblijvende gemeenten Almelo, Tubbergen, Twenterand en Wierden zouden lijden. Gemeenten die uit een gemeenschappelijke regeling stappen zijn, zo luidt de redenering van de 'blijvers', schadeplichtig. Het bedrag van krap €5,7 miljoen zou tot stand zijn gekomen na zorgvuldige weging. De gemeenten Rijssen-Holten en Hellendoorn komen na hun eigen zorgvuldige weging tot een ander oordeel. Zij zijn van mening dat de uittreding met €2,7 miljoen goed betaald is.
De gemeenten Almelo, Tubbergen, Twenterand en Wierden schermen met een uitgebreid financieel onderzoek. Ze stellen dat kosten of schade door het uittreden van Rijssen-Holten en Hellendoorn niet onevenredig op de achterblijvende gemeenten mag drukken. Naar het oordeel van Rijssen-Holten en Hellendoorn hebben zij wel een constructieve berekening gemaakt en leggen ze de zaak, als het niet alsnog tot een akkoord komt, voor aan Gedeputeerde Staten van Overijssel.
Er is overigens al informeel bestuurlijk contact geweest, waarbij geprobeerd is om consensus te bereiken. Maar dat heeft in plaats van toenadering juist tot meer onrust geleid, want de wethouders waren van deze besprekingen niet op de hoogte. Bovendien druiste dit overleg in tegen raadsbesluiten waarin de 'achterblijvers' voor het hoogst haalbare gingen.
Hellendoorn en Rijssen-Holten stappen per 1 januari 2014 uit de SOWECO. De
Tubbergse gemeenteraad baalt daar flink van , zo werd eerder al duidelijk. Volgens het dit voorjaar afgesloten sociaal akkoord tussen vakbonden en werkgevers met de overheid, zou er slechts één SW-bedrijf voor heel Twente moeten overblijven.